Particuliere vermogensopbouw: onterecht geen onderwerp op de formatieagenda Boardroom Issue

De onderhandelingen over de kabinetsformatie Rutte III duren voort. Een record is het nog niet, maar het scheelt niet veel. Als de onderhandelaars nog tot begin oktober de tijd nemen dan breekt het record van Van Agt uit 1977. En dat terwijl er genoeg dringende dossiers op een regering Rutte III liggen te wachten. De manier waarop huishoudens omgaan met ‘lange termijn’ vermogensopbouw is zo’n onderwerp, al lijkt het erop dat de politiek dit onderwerp doorschuift naar de private sector.

Belang van vermogensopbouw stijgt

Het overheidsbeleid van de afgelopen jaren heeft de sociale vangnetten aangetast. Voorbeelden genoeg: de eigen bijdrage aan zorgkosten is gestegen en de laatste geluiden uit Den Haag wijzen erop dat die stijging ook volgend jaar zal doorzetten. De studiefinanciering is afgebouwd en vervangen door het leenstelsel. Studenten komen met steeds hogere schulden de arbeidsmarkt op.

En dan die arbeidsmarkt. Het mislukte overleg vorige week tussen werknemers en werkgevers toont maar weer aan dat er fundamentele verschillen van inzicht bestaan over hoe flexibel die markt moet zijn. Hoe soepel mag het ontslagrecht worden? Hoe lang moeten werkgevers doorbetalen in geval van langdurige ziekte? Hoe zorgen we dat zelfstandig ondernemers de ruimte krijgen, maar ook genoeg worden beschermd, niet in de laatste plaats tegen zichzelf?

Huishoudens gericht op de korte termijn

Ongeacht de uitkomst van de formatie is duidelijk dat huishoudens steeds meer zelf moeten zorgen voor een verstandige vermogensopbouw voor later. Dit terwijl veel huishoudens hier nauwelijks mee bezig zijn. Ons eigen onderzoek in de VODW Trendmonitor Vermogen toont bij veel huishoudens bijvoorbeeld een duidelijke vooringenomenheid voor kwesties met een korte termijn. Zo kiest maar liefst 47% van de huishoudens voor een bedrag van € 100.000,- nu, in plaats van voor € 200.000,- over vijf jaar. Omgerekend laat men daarmee een rendement van zo’n 15% per jaar liggen.

Maar liefst 47% van de huishoudens kiest voor een bedrag van € 100.000,- nu, in plaats van voor € 200.000,- over vijf jaar

Huishoudens hechten dus weinig belang aan rendement op vermogen. Dit zien we ook terug bij vragen rondom de huidige lage spaarrente. 63% van de huishoudens geeft aan dat hierdoor beleggen als investering aantrekkelijker is geworden, maar slechts 9% geeft aan ook echt actiever te zijn geworden met beleggen. Overigens gaat het hier vooral om ouderen en huishoudens met een bovenmodaal inkomen, terwijl juist jongeren en minder vermogenden veel te winnen hebben door vroegtijdig met vermogensopbouw te starten.

Gedeelde belangen creëert kansen

Zo ontstaat er een kansrijke combinatie van factoren: een groeiende (latente) behoefte bij huishoudens om serieus aan de slag te gaan met vermogensopbouw, een gezond economisch klimaat en een lage rente. Factoren die het ontwikkelen van nieuwe proposities rondom vermogensopbouw zouden moeten ondersteunen.

De VODW Trendmonitor Vermogen biedt inzichten in die segmenten in de markt die kansrijk zijn. Jongere huishoudens die bovengemiddeld zoeken naar coaching en advies bijvoorbeeld of ondernemers die bovengemiddeld vaak al serieus bezig zijn met vermogensvorming voor later. Ook huishoudens die zich willen voorbereiden op de studie van kinderen vormen een steeds belangrijker doelgroep, zeker nu de basisbeurs is verdwenen.

Beslissers in de financiële sector staan voor de uitdaging niet alleen de gefortuneerden, maar juist ook de kleinere vermogens, de jongeren en de beneden-modale huishoudens te helpen hun eigen financiële toekomst vorm te geven. Niet langer kan de sector volstaan met proposities die passend zijn voor 20% van de huishoudens met 80% van het vermogen. Juist de grote groep huishoudens die het financieel minder breed heeft, is nu gebaat bij betrokkenheid, innovatie en efficiënte proposities van banken, verzekeraars, pensioenfondsen en vermogensbeheerders. Pak die verantwoordelijkheid en kans.

Meer informatie op www.vodw.com/trendmonitor-vermogen, of neem contact op met Kjeld Sanders.